Pensioenen en pensioenplicht

Als het gaat om de gemiddelde pensioeninleg is dit in Nederland erg hoog ten opzichte van andere landen. Toch heeft niet iedereen een pensioen en zeker niet hetzelfde pensioen. Net als bij de CAO’s geldt ook voor pensioenen dat ze doorgaans per branche zijn geregeld. We noemen dat bedrijfstakpensioenfondsen waar er ruim honderd van zijn in Nederland. Naast de bedrijfstakpensioenfondsen zijn er een handje vol beroepspensioenfondsen, en grotere ondernemingen zoals PHILIPS of Randstad hebben een eigen bedrijfspensioenfonds. Voor bedrijven die niet in een regeling vallen en te klein zijn voor een eigen fonds is er een mogelijkheid om het pensioen te regelen in een pensioenverzekering.

Bedrijfstakpensioenfonds
Als er voor je branche een bedrijfstakpensioenfonds (Bpf) is opgericht is het goed mogelijk dat je als werkgever verplicht bent om deel te nemen. Deze verplichting komt uit een verplichtstelling vanuit de overheid of wordt via een CAO verplicht. Een aantal pensioenuitvoerders schrijven je hierover automatisch aan maar dat is per branche verschillend. Je bent daar als werkgever zelf verantwoordelijk voor.

De aanvangsleeftijd verschilt per Bpf en stopt meestal vanaf de 65e verjaardag. Ook oproepkrachten zijn doorgaans verplicht deel te nemen, uitgesloten zijn meestal directeuren grootaandeelhouders (DGA), familie van de DGA, stagiaires en soms ook seizoenswerkers maar wederom is dat per fonds verschillend. Ook de afdrachten verschillen van een 2,6 tot bijna 35 procent evenals het gedeelte dat op het loon van de werknemer mag worden ingehouden. Het is dus van belang om direct bij aanvang te weten waar je onder valt, en als er te weinig wordt verhaald op de medewerker draait de werkgever daar immers voor op. Loonbureau.nl kent alle regelingen dus de toepassing van de regeling is zondermeer geregeld, daarnaast kan Loonbureau.nl je met de juiste pensioenuitvoerder in contact brengen zodat uitsluitsel gegeven kan worden over de deelnameplicht of deelnamemogelijkheid.

Beroepspensioenfondsen
Voor een aantal beroepen zijn er afzonderlijke fondsen opgericht. Voorbeelden hiervan zijn huisartsen, tandartsen en architecten. Een tandarts valt dus onder het beroepspensioenfonds voor tandartsen terwijl zijn tandartsassistente weer onder het bedrijfstakpensioenfonds valt.

Pensioenverzekeringen
Bedrijven die niet verplicht onder een fonds vallen hoeven ook geen pensioen te regelen voor hun medewerkers. Bedrijven die dit wel willen doen kunnen kiezen voor een pensioenverzekering. Je komt dan bij aanbieders als bijvoorbeeld Nationale Nederlanden, De Amersfoortse en Aegon terecht maar kijk wel altijd goed uit naar de kosten. Bij kleine ondernemingen zijn de kosten erg hoog en het is zonde als een groot gedeelte van de inleg wordt afgeroomd voor het in de pensioenpot komt. Een groot verschil met een pensioenfonds is dat een pensioenverzekering geen pensioen garandeerd maar een niet vooraf bepaald eindbedrag oplevert waar vervolgens een pensioen mee aangekocht kan worden door de deelnemer.

Een alternatief voor een pensioenverzekering is het banksparen wat de werknemer zelf kan regelen en veel minder kosten met zich meebrengt. Ook kan je als werkgever informeren bij een pensioenfonds van een aanverwante bedrijfstak of er een vrijwillige aansluiting mogelijk is. Dit geldt dan doorgaans wel voor alle werknemers.

Inzicht in de hoogte van de afdracht
Mensen leven steeds langer dus pensioenen worden steeds duurder, maar hoe wordt die premie nu eigenlijk berekend? Het begint met de pensioengrondslag, dus welke componenten van het loon zijn grondslag voor het pensioen. Vaak is dit het vast overeengekomen loon inclusief vakantiegeld. Omdat iedereen recht heeft op AOW heeft een medewerker met een minimum inkomen bijna geen terugval in inkomen, terwijl een medewerker met een modaal inkomen een behoorlijk stuk inkomen mist zodra deze met pensioen gaat. Om deze reden hanteren pensioenfondsen een franchise gebaseerd op de AOW. Feitelijk wordt enkel over het loon wat boven het AOW bedrag uitstijgt pensioen opgebouwd. Door deze constructie kan 2% loonsverhoging makkelijk leiden tot een verdubbeling van de pensioenlast.

Bedrijfstak specifieke fondsen
Naast pensioenfondsen bestaan er nog verschillende andere fondsen waar mogelijk een afdracht verplichting voor geldt. Vaak komt deze verplichting voort uit een CAO. Er moet dan gedacht worden aan bijvoorbeeld VUT regelingen, opleidingsfondsen en sociaal fondsen. Loonbureau.nl kan je meer vertellen over je eventuele verplichtingen.